Suriname News

Openheid over mennonieten: wie tekent er echt? Misryoum

Onhelderheid rond contracten en grond voor mennonieten groeit. President Geerlings-Simons zegt geen afspraken te kennen, terwijl berichten over getekende overeenkomsten circuleren bij Misryoum.

Het debat over de mennonieten in Suriname begint steeds meer trekjes te krijgen van een klucht, maar voor gewone burgers voelt het eerder als een dossier dat pijn doet.

Misryoum draait om één kernvraag: wie heeft er nu precies afspraken gemaakt, en waarom blijft het antwoord zo ondoorzichtig?. Terwijl de regering zegt geen contracten of afspraken te hebben met de geloofsgemeenschap, duiken er verhalen op over samenwerkingsovereenkomsten die al getekend zouden zijn.. Voor een samenleving die al jaren discussie voert over grond, landbouw en vertrouwen tussen overheid en bevolking, is die tegenstelling geen detail—het gaat om transparantie die rechtstreeks land en geld kan raken.

President Jennifer Geerlings-Simons gaf bij haar aantreden aan niet op de hoogte te zijn van nieuwe ontwikkelingen.. Dat klinkt bestuurlijk als een startpunt, maar het wordt wankel zodra er kritiek op komt.. Recent uitte zij zich opnieuw kritisch over de kwestie en stelde zij dat haar regering geen contracten of afspraken heeft met de mennonieten.. Daarmee botst haar lezing met wat er eerder naar voren is gebracht door Lionel Blokland van de Braganza Marketing Group.

Blokland stelde dat er op 13 januari dit jaar drie samenwerkingsovereenkomsten zijn getekend tussen het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) en Braganza Marketing Group.. Volgens die lezing passen die afspraken in een breder plan om de nationale voedselproductie te versterken, import terug te dringen en Suriname te positioneren als agrarische exportspeler binnen de regio.. Tegelijk wordt er gesproken over het binnenhalen van internationale deskundigen die kennis moeten overdragen en de productiviteit in de Surinaamse landbouw moeten verhogen.

De mogelijke overlap met de mennonieten zit hem in de rol van internationale experts.. Braganza verwijst naar deelname die zou moeten bijdragen aan kennisoverdracht en een hogere opbrengst.. Daarnaast wordt er gesproken over staatsgrond die tijdelijk en onder strikte voorwaarden beschikbaar zou worden gesteld voor specifieke beleidsdoelstellingen.. Het gaat in totaal om een areaal van 34.185 hectare, verdeeld over twee pilotgebieden: tienduizend hectare in Kabalebo en 24.185 hectare voorbij Goliath.

Dat getal, en vooral de bestemming ervan, maakt de kwestie zo gevoelig.. Grondbeleid raakt mensen persoonlijk: landbouwers vrezen concurrentie en verlies, omwonenden willen weten wat er verandert, en wie in de wachtrij zit voor rechten of duidelijkheid wil geen vage procedure.. Een dossier dat al lang speelt, kan alleen vertrouwen herstellen wanneer het helder is over wie waarvoor tekent, welke voorwaarden gelden en hoe controle wordt geregeld.. Als die helderheid uitblijft, verschuift de discussie van beleid naar wantrouwen.

Daar wringt het nu juist.. Volgens de kritiek en de verklaringen blijft het onduidelijk of de regering technisch gezien rechtstreeks overeenkomsten heeft met de mennonieten, of dat de afspraken via een groep zoals Braganza Marketing Group lopen om de mennonieten als internationale deskundigen in te passen.. Braganza zou volgens de huidige lijn vooral bedoeld zijn om productie en uitvoering mogelijk te maken—en de mennonieten zouden daarbij betrokken zijn via de expertrol.. Maar precies dat ‘technisch’ onderscheid is voor veel burgers lastig te volgen: voor de gevolgen—grond, werk, planning en impact op lokale gemeenschappen—maakt het weinig uit via welk etiket het proces verloopt.

De vergelijking met het verleden maakt het vertrouwen er niet beter op.. De vorige regering zou hebben gegarandeerd dat de overheid geen grond aan de mennonieten zou geven.. Destijds werd dat zelfs toegejuicht door oppositiepartijen, met de NDP voorop.. Nu lijken er van die kant geen scherpe kanttekeningen te komen.. Dat legt de druk op de huidige regering om het dossier niet alleen te verklaren, maar ook te verantwoorden: waarom is de koers veranderd, welke garanties zijn er, en hoe voorkomt men speculatie?

Misryoum ziet bovendien dat LVV de overeenkomst nog niet breed onder de aandacht heeft gebracht.. Minister Mike Noersalim zou aan president Geerlings-Simons hebben voorgehouden dat er geen overeenkomst met de mennonieten is aangegaan.. Als dat klopt, blijft de vraag hoe de verklaringen over getekende afspraken van 13 januari zich laten rijmen met de boodschap van transparantie die de president expliciet benadrukt.. Als het niet klopt, rijst de vraag welke informatie onderweg is blijven liggen—en waarom.

De president koppelt haar beleid aan economisch herstel en nationale eenheid, en stelt dat transparantie rondom grondbeleid nodig is om speculaties tegen te gaan.. Dat is op papier een helder doel.. In de praktijk vraagt transparantie echter meer dan alleen zeggen wat er niet is: burgers willen weten wat er wél is, welke documenten bestaan, welke voorwaarden gelden voor het gebruik van staatsgrond en hoe de samenleving kan controleren of die afspraken leiden tot de beloofde productiviteit en exportpositie.

Braganza zelf wil volgens de huidige berichten geen mededelingen doen over wie namens LVV de overeenkomsten heeft ondertekend.. Tegelijk is er vanuit het ministerie tot nu toe niet ontkend dat de overeenkomsten bestaan.. Daarmee blijft de spanning hangen: zonder volledige openheid blijft de klucht-achtige sfeer rond het dossier bestaan, en dat is precies wat Misryoum wil vermijden—want iedere dag onduidelijkheid is ook een dag waarop vertrouwen in beleid afbrokkelt.

Als de regering echt een einde wil maken aan het langdurige debat, zal ze alle kaarten rond de mennonietenkwestie op tafel moeten leggen.. Niet alleen om politieke vragen te beantwoorden, maar vooral om te voorkomen dat het land en de landbouwplannen onderdeel worden van een verhaal dat mensen niet meer durven te geloven.. En dat is niet alleen een kwestie van communicatie: het gaat om de legitimiteit waarmee Suriname zijn voedselambities en grondbeslissingen toekomstbestendig wil maken.